doorloper

1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
1 dans ; Europeaan ; vertaler 2 zoon van Adam ; kletsmajoor 3 ogenblik ; zangdrama ; geroosterd brood met ham en kaas 4 deel van het oog ; tijdrekening ; aanwijzend voornaamwoord 5 muziektempel ; deel van een schaakspel ; Frans kerstlied 6 vergrootglas ; officieel verzoeken 7 vereerd persoon ; groente ; verbod 8 wees gegroet ; oosterse tovenaar ; stijl 9 balspel ; niet doorschijnend ; uitbouw 10 bitterkruid ; sta stil! ; lekkernij 11 deel van een huis ; Verenigde Staten van Amerika (afk.) ; klein verpakkingsmateriaal 12 vat met een hengsel ; leer van het heldendicht ; hoeveelheid 13 edelgas ; babyslaapplaats ; schoenmakersgereedschap
1 binnenplaats ; onedel ; einde van een gebed 2 bediende in een café ; glansloos ; geluidssterkte 3 bloem ; insecteneter ; Japans worstelen 4 spoel ; prijsgeven 5 Europees gebergte ; eerste man ; lamgeslagen 6 roofdier ; nagerecht ; grove straatsteen 7 vluchtig omhulsel ; toegangsweg voor voertuigen ; plakband 8 woonplaats ; niet nodig 9 reeks ; plaats in Letland ; ondiep water 10 voerbak ; appelkruintje ; drug 11 deel van een woestijn ; er goed uitzien ; afgescheiden stand 12 lang, dun mens (schertsend) ; insectenei ; kledingstuk 13 kleine aardappels ; deel van een dag ; verharde huid